|
Nicolaas wordt bisschop
Keer
terug..
De bijzondere manier waarop Nicolaas bisschop
werd, is niet aan de aandacht van Jacobus ontsnapt. Volgens een sluw plannetje
van een invloedrijke bisschop (die het proces misschien wel aanstuurde)
werd de eerste de beste die ‘s morgens naar de kerk zou komen en
Nicolaas heette (hetgeen in veler ogen een wat vreemd aandoend eisenpakket
is) gedwongen om bisschop te worden. De reactie van Nicolaas getuigt van
een combinatie van goede smaak en nederigheid, want hoewel hij aanvankelijk
tegenstribbelde, aanvvaardde hij het ambt wel. Hij zou geen slechte bisschop
worden. Om de historiciteit van het verhaal te benadrukken, vermeldt Jacobus
in de laatste regel dat Nicolaas in 325 het Concilie van Nicea heeft bijgewoond.
Post hoc Myreae civitatis defuncto
episcopo convenerunt episcopi illi ecclesiae de episcopo provisuri.
Aderat autem inter eos quidam magnae auctoritatis episcopus, ad
cuius electionem omnium sententia dependebat. Cum igitur cunctos
ieiuniis et orationibus insistere monuisset, nocte illa vocem
audivit dicentem sibi, ut hora matutina fores ecclesiae observaret
et, quem primum ad ecclesiam, cuius etiam nomen esset Nicolaus,
venire conspiceret, ipsum in episcopum consecraret. Hoc ergo aliis
revelans episcopis admonuit, ut omnes orationibus insisterent
et ipse pro foribus excubaret. Mirum in modum in hora matutinali
quasi a Deo missus ante omnes se agebat Nicolaus, quem apprehendens
episcopus dixit ei: “Quod tibi nomen est?” Ille ut
erat columbina simplicitate plenus, inclinato capite: “Nicolaus,”
inquit, “vestrae sanctitatis servus.” Quem in ecclesiam
ducentes licet plurimum renitentem in cathedram collocarunt. Ipse
autem eandem quam prius humilitatem et morum gravitatem in omnibus
sectabatur, in oratione pervigilabat, corpus macerabat, mulierum
consortia fugiebat, humilis erat in omnes suspiciendo, efficax
in loquendo, alacer in exhortando, severus in corripiendo. Fertur
quoque, sicut legitur in chronica quadam, Nicolaum Nicaeno interfuisse
concilio.
|

Kort hierna stierf de bisschop van Myra, en alle
bisschoppen uit die streek kwamen bijeen om voor die gemeente
een nieuwe bisschop te kiezen. Nu was er onder hen één
bisschop die bijzonder veel aanzien genoot, en van wiens mening
het oordeel van alle anderen afhing. Welnu, toen die iedereen had
aangespoord om zonder ophouden te blijven vasten en bidden, hoorde
hij ‘s nachts een stem die hem vertelde dat hij de kerkdeur
’s morgens in alle vroegte goed in de gaten moest houden,
en dat hij diegene die hij als eerste naar de kerk zou zien komen,
en wiens naam bovendien Nicolaas was, tot bisschop moest wijden.
|
Terwijl hij dit dus aan de andere bisschoppen
uit zat te leggen, drong hij er bij hen allen op aan dat ze zonder ophouden
moesten blijven bidden. Zelf zou hij voor de kerkdeur wacht houden. Op
wonderbaarlijke wijze verscheen Nicolaas ’s morgens in alle
vroegte, alsof hij door God gezonden was, nog vóór alle
anderen. De bisschop hield hem tegen en vroeg hem: “Hoe heet u?”
Hij antwoordde, vervuld van de eenvoud van een duif, en met het hoofd
gebogen: “Ik heet Nicolaas, en ik ben een dienaar van uw heiligheid.”
Ze leidden hem onder hevig tegenstribbelen de kerk binnen en zetten
hem op de bisschopszetel. Maar hij bleef in alles dezelfde nederigheid
en hetzelfde serieuze gedrag aan de dag leggen als voorheen. Hij bracht
de nacht door in gebed, kastijdde zijn lichaam en meed het gezelschap
van vrouwen. Hij was nederig in de omgang met iedereen. Hij was krachtdadig
in het spreken, ijverig in het aansporen van mensen en streng in het straffen.
Ook zegt men dat Nicolaas, zoals te lezen staat in een oude Kroniek, het
Concilie van Nicea zou hebben bijgewoond.
Keer
terug...
|
 |